Bij een echtscheiding moeten de bezittingen en schulden juist verdeeld worden. Als blijkt dat iemand opzettelijk vermogen verzwijgt, kunnen er wettelijke sancties gelden. Volgens artikel 194 van het Burgerlijk Wetboek verliest diegene zijn aandeel in de verzwegen goederen. Dit artikel beschrijft hoe opzettelijk verzwijgen kan leiden tot het vergoeden van de volledige waarde aan de andere echtgenoot, mits de intentie daartoe bewezen is.
Wat te doen als je vermoedt dat er vermogen wordt verzwegen?
- Specifieke vragen stellen: Stel in een vroeg stadium van de procedure gerichte en specifieke vragen over de te verdelen vermogensbestanddelen.
- Bewijs verzamelen: Documenten en correspondenties kunnen helpen om intenties van verzwijgen te bewijzen.
- Sancties inroepen: Indien opzettelijk verzwijgen bewezen is, kan een beroep worden gedaan op artikel 1:135 lid 3 BW voor volledige vergoeding van de niet-verrekende waarde aan de andere echtgenoot.
Belangrijke uitspraken
In 2015 oordeelde de Hoge Raad dat zelfs in hoger beroep een beroep op de sanctie kan worden gedaan als tijdens de eerste behandeling bij de rechtbank de verdeling of verrekenvordering al is vastgesteld. Dit betekent dat als na de uitspraak blijkt dat een echtgenoot vermogen opzettelijk heeft verzwegen, een beroep op de sanctie kan worden gedaan en de volledige waarde moet worden vergoed. Deze sanctie is bedoeld om te zorgen dat alle informatie tijdens de verdeling kenbaar wordt gemaakt.
De uitspraak van de Hoge Raad vind je onder kenmerk: ECLI:NL:HR:2015:3475.
Conclusie
Het is belangrijk om tijdens een echtscheiding alle vermogensbestanddelen eerlijk op te geven. Het opzettelijk verzwijgen van vermogen kan leiden tot strenge sancties waarbij de andere partij volledig gecompenseerd moet worden. Hierdoor is enige vorm van verzwijgen niet alleen onrechtvaardig, maar vooral risicovol. Door open en transparant te zijn, voorkom je juridische problemen en zorg je voor een eerlijke verdeling.