Wanneer een stel dat in gemeenschap van goederen is getrouwd, na enige tijd besluit te scheiden, komt het vaak voor dat de gezamenlijke bezittingen verdeeld moeten worden. Dit kan complex zijn, vooral als er sprake is van schenkingen of investeringen. Hier bespreken we hoe de zogenoemde "beleggingsleer" van invloed is op het verdelen van de overwaarde van een huis na een scheiding.
Voorbeeldsituatie
Laten we een situatie bekijken waarin een echtpaar in 2016 trouwde en samen een huis kocht voor € 500.000. Dit werd gefinancierd met een aflossingsvrije hypotheek van € 400.000. Het openstaande bedrag van € 100.000 werd door de man betaald na een schenking van zijn ouders (bekend als "jubelton"), die een uitsluitingsclausule had. Na zes jaar scheiden ze en wordt het huis verkocht voor € 700.000.
Stap-voor-stap verdeling
- Aflossen van de hypotheek:
- De hypotheek van € 400.000 moet eerst worden afgelost.
-
Dit laat een overwaarde van € 300.000 (verkoopwaarde van € 700.000 min hypotheek van € 400.000).
-
Vergoedingsrecht van de man:
- De man heeft recht op zijn investering van € 100.000.
-
Volgens de beleggingsleer, die geldt omdat de investering na 2012 is gedaan, heeft hij recht op een hoger bedrag. Dit is € 140.000, berekend als: (€ 100.000 / € 500.000) x € 700.000.
-
Verdeling van de overwaarde:
- Na uitbetaling van het vergoedingsrecht van de man (€ 140.000), blijft er een bedrag van € 160.000 over (€ 300.000 minus € 140.000).
-
Dit wordt gelijk verdeeld, dus beiden ontvangen € 80.000.
-
Eindresultaat:
- De man ontvangt in totaal € 220.000 (€ 140.000 + € 80.000).
- De vrouw ontvangt € 80.000.
Conclusie
De toepassing van de beleggingsleer verandert aanzienlijk de verdeling van de overwaarde bij scheidingen waar schenkingen met uitsluitingsclausules van toepassing zijn. Het is belangrijk bij scheidingen goed te begrijpen hoe dergelijke wetten kunnen worden toegepast om een eerlijke verdeling te waarborgen.